Nieuwsbrief 10 april 2020

Vanuit de diaconie

Ten gevolge van de Corona crisis hebben we met Palmpasen de paasgroet voor de gedetineerden niet kunnen inzamelen. Mocht u thuis nog een kaart hebben liggen, zou u dan zo vriendelijk willen zijn om deze bij Connie van Leeuwen, Walmolen 37 door de bus te doen?
Wij zullen dan de kaarten gezamenlijk doorsturen. Bij voorbaat vriendelijk dank!

Collectes

De collectes voor de komende weken staan vermeld in Meeleven.
Wij roepen u op uw gift nu rechtstreeks over te maken op de rekening van de diaconie/ZWO: NL 16INGB 0000 6960 95 t.n.v. Zendingscommissie Gereformeerde Kerk Harmelen onder vermelding van de bestemming.

Voorbeden in de vieringen

Als u een voorbede wilt vragen stuurt u dan uiterlijk zaterdag voor 18.00 uur uw verzoek op naar nieuwsbriefdeopenpoort@gmail.com. De voorbeden zullen dan indien gewenst anoniem aan het voorbedenboek worden toegevoegd en de voorganger zal de voorbede meenemen in het daartoe bestemde gebed.

Afscheid van Hetty in beeld

Bij het afscheid van Hetty zijn foto’s gemaakt. Deze staan in het fotoalbum

Kerkomroep

Velen van u volgen de diensten in De Open Poort via de kerkomroep. Een hele snelle manier om de verbinding te leggen is via deze link: https://www.kerkomroep.nl/#/kerken/21126 dan kom je direct bij de live uitzending vanuit De Open Poort!!! Wacht niet tot 10.00 uur maar zoek gerust al eerder verbinding. Vanaf 9.30 uur klinkt er pianomuziek.

Van de kindernevendienst

Nu we geen kindernevendienst houden hierbij het verhaal wat verteld kan worden en twee “links” naar de kleurplaat en de puzzel die daarbij horen.

Jezus leeft!
Het is fris buiten, en het is nog halfdonker. Het is nog zo vroeg dat er niemand op straat is.
Maar daar lopen twee vrouwen de stad uit: het zijn Maria, een leerling van Jezus, en haar vriendin. Ze zijn op weg naar het graf van Jezus. Ze zijn heel verdrietig. Jezus, van wie ze zoveel hielden, is gevangengenomen. Soldaten hebben hem geslagen. Ze hebben hem aan een kruis gespijkerd. En daar is hij gestorven. Maria en haar vriendin gaan deze ochtend weer naar het graf toe. De eerste vogels beginnen te fluiten. De zon komt langzaam op. Daar is het graf. Er staan een paar soldaten bij de ingang van het graf. Romeinse soldaten. Die moeten het graf bewaken. Zodat niemand het open kan maken
om Jezus er weg te halen. O nee! Wat is dat? Maria voelt zich ineens helemaal duizelig worden. Het lijkt wel of de aarde onder haar voeten beweegt. En dat gerommel onder de grond, wat is dat? Een aardbeving! Maria en haar vriendin houden zich geschrokken aan elkaar vast. Het duurt even. Maar gelukkig, dan stopt het. De aardbeving is voorbij. ‘Kijk nou!’ zegt Maria. Ze wijst naar het graf waar Jezus ligt. Er staat een man naast. Een man met witte kleren aan. Je kunt hem niet aankijken, want zijn gezicht straalt als de bliksem.
‘Een engel!’ zegt Maria’s vriendin. De engel pakt de zware ronde steen die voor het graf ligt, en rolt hem weg. En dan gaat hij op de steen zitten. De soldaten houden hem niet tegen. Ze jagen hem niet weg. Ze rollen de steen niet met z’n allen terug voor het graf.
Nee, de soldaten zijn zo geschrokken dat ze zijn flauwgevallen. Ze liggen allemaal op de grond, voor het open graf van Jezus. Maria slikt. Ze trilt van angst. Maar ze loopt samen met haar vriendin langzaam dichterbij. ‘Jullie hoeven niet bang zijn,’ zegt de engel. ‘Ik weet dat jullie op zoek zijn naar Jezus, die gestorven is. Maar hij is hier niet. Hij is opgestaan uit de dood. Dat had hij van tevoren toch gezegd, dat hij dat zou doen? Kijk maar in het graf.
Hier heeft hij gelegen.’ Maria doet nog een stapje naar voren. Ze kijkt in het graf. Wat is dat nou? Het is leeg. Het lichaam van Jezus ligt er niet. De engel heeft gelijk! ‘Ga snel naar de vrienden van Jezus,’ zegt de engel. ‘Vertel ze dat Jezus weer leeft. Dat hij is opgestaan uit het graf. En zeg tegen hen dat ze naar Galilea moeten gaan. Dat is de afspraak die Jezus met ze gemaakt heeft. Daar zullen ze elkaar weer ontmoeten.’ Maria en haar vriendin zijn zo blij. Ze kunnen het bijna niet geloven. Ze gaan meteen op weg. En dan komt er iemand hun tegemoet. Het is Jezus! Jezus, die dood was! Hij staat voor hen:
hij leeft! Hij lacht naar hen. ‘Goedemorgen,’ zegt hij. Maria laat zich op haar knieën vallen en raakt Jezus’ voeten aan. Ze is heel erg geschrokken. ‘Je hoeft niet bang te zijn,’ zegt Jezus. ‘Ga naar mijn vrienden. Vertel hun dat ze naar Galilea moeten gaan. Daar zien we elkaar.’